Ziekenhuis Oost-Limburg, Campus Sint Jan
Hospitalisatie
Synaps Park 1
3600 Genk
Nu open
T. 089 / 32 61 00
Wat is een heupfractuur?
Een heupfractuur is een breuk in het bovenste deel van het dijbeen (femur). De omvang van de breuk wordt bepaald door de kracht die hierbij betrokken was. Welk type van chirurgie aangewezen is om een heupfractuur te behandelen, hangt af van het niveau van de fractuur.
Anatomie
Het heupgewricht bestaat uit de kop (bovenste deel van het dijbeen) en de heupkom (acetabulum). Het heupgewricht laat het bovenbeen toe om te buigen en roteren in het bekken. Een letsel aan het acetabulum wordt niet beschouwd als een heupfractuur, maar als een bekkenfractuur.
Wat zijn oorzaken van een heupfractuur?
Heupfracturen zijn meestal het resultaat van een val of van een directe impact op de heup. Sommige medische aandoeningen, zoals osteoporosis, kanker (metastasen) of stressfracturen, kunnen het bot verzwakken, waardoor de heup gemakkelijker kan breken.
Welke klachten geeft een heupfractuur?
Een patiënt met een heupfractuur zal na een trauma onmiddelijk pijn hebben ter hoogte van het bovenbeen of in de lies en is niet meer in staat op het been te steunen. Het been is vaak verkort en ligt naar buiten gedraaid.
Doktersonderzoek
De diagnose van een heupfractuur wordt meestal klinisch gesteld door middel van een radiografie van de heup en/of het bekken en dijbeen.
In sommige gevallen, wanneer de patiënt valt en klaagt over heuppijn, kan een incomplete fractuur niet gezien worde op een radiografie. In dat geval wordt een MRI-scan of CT-scan aangevraagd. De MRI-scan toont meestal een verborgen fractuur aan.
Fractuurtypes
Er zijn 3 types heupfracturen:
In de meer gecompliceerde gevallen kan de hoeveelheid botbreuken meer dan één van deze zones omvatten. Dit dient besproken te worden, alvorens operatief herstel overwogen wordt.
Behandeling
Overwegingen
Als de diagnose heupfractuur is gesteld, zal de algemene gezondheid en medische voorgeschiedenis van de patiënt geëvalueerd worden. In veel gevallen gaat het om geriatrische patiënten die in slechte algemene toestand verkeren, waardoor er eerst een pre-operatieve oppuntstelling dient te gebeuren, via anesthesie of de internist/geriater.
Niet-operatieve behandeling: tractie (zeldzaam)
Heupfracturen bij kinderen worden veelal behandeld door middel van tractie. Dit is een niet-operatieve behandeling.
Bij volwassenen is deze behandeling uiterst zeldzaam, bijvoorbeeld bij patiënten in zeer slechte algemene toestand. Een langdurige tractie of bedlegerigheid kan ook leiden tot ernstige secundaire complicaties, zoals zenuwletsels, doorligwonden, longontsteking, trombose,... De bedoeling is immers de patiënt zo snel mogelijk te mobiliseren.
Operatieve behandeling (meer dan 99.9% van de fracturen)
Pre-operatief
Afhankelijk van de leeftijd van de patiënt zullen enkele vooronderzoeken, zoals bloedonderzoek, RX thorax en elektrocardiogram (ECG) worden uitgevoerd voor de ingreep. Het is ook mogelijk dat er eerst een internistisch consult wordt gevraagd. Soms is het nodig om de ingreep uit te stellen, bijvoorbeeld bij gebruik van bloedverdunners. De orthopedisch chirurg zal dan met de anesthesist overleggen en de ingreep plannen.
De verdoving kan onder algemene anesthesie of locoregionale anesthesie. Alle patiënten krijgen antibiotica toegediend tijdens de operatie en gedurende 24 uur post-operatief.
Het type operatie hangt af van de gebroken zone van de heup en de vertrouwdheid van de arts met de verschillende systemen die beschikbaar zijn om deze letsels te behandelen.
Subcapitale heupfractuur
Bij onverplaatste intracapsulaire fracturen kan de chirurg beslissen om de fractuur te fixeren door middel van geannuleerde schroeven binnen 6 uur om het risico op avasculaire necrose te verminderen) via een kleine incisie (percutane pinning).
Bij subcapitale, verplaatste heupfracturen bij een jongere patiënt, zal zo snel mogelijk een chirurgische poging worden ondernomen om de fractuur te reduceren en de eigen heup te sparen. De fractuur zal dan gefixeerd worden door middel van gecannuleerde schroeven. In deze gevallen is er echter altijd een risico op avasculaire necrose. Hierdoor kan in loop van de tijd de femorale kop inzakken. Als dit optreedt, zal het gewrichtsoppervlak onregelmatig worden. Uiteindelijk zal het heupgewricht een pijnlijke artrose ontwikkelen. In de tweede tijd dient dan toch een totale heupprothese geplaatst te worden via direct anterieure toegang.
In veel gevallen is een reducite van de fractuur bij jonge patiënten echter niet mogelijk en dient over te worden gegaan tot het plaatsen van een totale heupprothese via spiersparende toegangsweg.
bij patienten met verplaatste subcapitale heupfractuur in goede algemene toestand is een heupprothese via direct anterieure toegang aangewezen. In sommige gevallen betekent dit een vervanging van enkel de femurkop (hemi-arthoplastische-bipolaire heupprothese). In andere gevallen betekent dit het vervangen van de femurkop en acetabulum (totale heupprothese). Dit heeft te maken met de leeftijd van de patiënt, de fysieke fitheid en het al dan niet reeds bestaan van heupartrose.
Intertrochantaire fractuur
De meeste intertrochantaire fracturen worden behandeld met ofwel een dynamische heupschroef (DHS) ofwel een intramedullaire nagel met compressieve, glijdende heupschroef (type gamma of PFN) die impactie van de fractuur toelaat.
Bij een DHS wordt een speciale plaat met schroeven en compressieve glijdende heupschroef ingebracht. Het design van de heupschroef laat impactie en compressie van de fractuur toe. Dit zal de stabiliteit en heling van de fractuur bevorderen.
De intramedullaire nagel wordt direct in het kanaal van het femur ingebracht door een opening die wordt gemaakt aan de top van de grote trochanter. Een compressieve, glijdende schroef wordt dan geplaatst door de nagel in de nek en de kop van de heup.
Er zijn geen studies die aantonen dat de ene behandeling beter is dan de andere. De beslissing hangt af van de voorkeur of ervaring van de chirurg.
Subtrochantaire fractuur
Op het subtrochantaire niveau worden de meeste fracturen behandeld met een lange intramedullaire nagel, samen met een heupschroef en enkele vergrendelschroeven. Vaak is ook een bijkomende cerclage van de fractuur aangewezen.
In sommige gevallen zal de chirurg kiezen om een plaats te gebruiken in plaats van een nagel. De plaat heeft schroeven die in het bot geplaatst worden aan de buitenzijde van het femur. Een enkelvoudige grote schroef wordt bevestigd in de nek en kop van de femur en ziet er gelijkaardig uit als een compressieve heupschroef, maar in een andere hoek. Bijkomende schroeven worden dan geplaatst door de plaat in het bot om de fractuur zo op zijn plaats te houden.
Post-operatief
Patiënten zullen aangemoedigd worden om op te staan uit bed de dag na de operatie, onder toezicht van een kinesist. Of je al dan niet mag steunen op het geopereerde been, wordt beslist door de chirurg en hangt meestal af van het type fractuur en ingreep.
De verdere gangrevalidatie zal onder begeleiding van de kinesist gebeuren. Dit proces kan 3 tot 6 maanden in beslag nemen, afhankelijk van het type operatie en de algemene toestand van de patiënt.
Medicatie
Soms is een bloedtransfusie aangewezen na de ingreep, indien de patiënt veel bloed heeft verloren. Antibiotica profylaxis wordt 24 uur toegediend. Anti-trombose profylaxis zal toegediend worden (spuitjes) gedurende de eerste 6 weken. Elastische steunkousen dienen ook gedragen te worden gedurende een 6-tal weken.
Follow-up
Controle-afspraken zullen worden gemaakt bij ontslag. Tijdens deze controle-afspraak zal een nieuwe radiografie genomen wordn om na te gaan of the prothesecomponenten of het osteosynthesemateriaal op hun plaats zitten en of de fractuur vlot geneest. De chirurg zal eventueel extra kinesitherapie voorschrijven, indien nodig.
Alle patiënten met een heupfractuur die een prothese nodig hebben, komen in de hip unit van het Ziekenhuis Oost-Limburg Genk of van Ziekenhuis Maas en Kempen Maaseik terecht. De chirurgen voorzien zo een continuïteit in de zorg van patiënten die een heupprothese krijgen. De zorg voor de oudere patiënt gebeurt eveneens in goede samenwerking en overleg met onze geriaters en hun multi-disciplinaire team.
Synaps Park 1
3600 Genk
Nu open
T. 089 / 32 61 00